Groep 5

Op deze pagina leest u allerlei informatie welke van belang is in leerjaar 5.

Klassenouder:
Klassenouder groep 5A: Saloua, moeder van Ramla & Fadoua, moeder van Youssef
Klassenouder groep 5B: Fatiha, moeder van Ismail 

Samenwerkend leren:                                                                                          
De kinderen krijgen op diverse momenten werkvormen aangeboden waarbij ze gestructureerd samenwerken in twee- of viertallen.

Lezen:
In groep 5  ligt het accent op het vlot en correct lezen. Dit wordt geoefend met behulp van onze nieuwe leesmethode Station Zuid. Wij geven dagelijks een leesles, waarbij er vier keer in de week wordt gewerkt aan technisch lezen, en één keer in de week aandacht wordt besteed aan leesbevordering.  Uw kind krijgt geregeld een ‘code’ mee naar huis. Vul deze in op www.debrandweerclub.nl, en lees een spannend verhaal!

Benieuwd naar Station Zuid? Bekijk de introductiefilm.

Wij adviseren alle kinderen om 30 minuten per dag te lezen. Uiteraard kan dit verdeeld worden in twee of drie stukken. Vraag uw kind wat hij/zij heeft gelezen, dit bevordert het begrijpend lezen. U kunt bijvoorbeeld de volgende vragen stellen:

Wie- over wie ging het verhaal?
Wat- wat gebeurde er?
Waar- waar speelt het verhaal zich af?
Wanneer- welk jaar, welke maand, welke dag, hoe laat, ochtend, middag, avond?
Waarom- waarom gebeurt zoiets? Wat is daarvan de oorzaak?
Hoeveel- welke getallen worden genoemd?

Ga samen met uw kind naar de bibliotheek en kies geschikte boeken uit:
1. zorg voor een passend leesniveau. Te makkelijk werkt demotiverend en te moeilijk kan juist frustratie opwekken. De leerkracht kan vertellen welk AVI- niveau uw kind beheerst.

  1. zorg voor interessant boeken. Houdt uw kind van ridders? Zoek samen een boek uit over ridders. Ook informatieve boeken zijn goed voor de leesontwikkeling van uw kind.  U kunt de medewerkers van de bibliotheek om hulp vragen.
  2. Stel vragen over het boek. Gebruik bovenstaande vragen ter inspiratie.

Nieuwsbegrip:
Nieuwsbegrip is een methode voor begrijpend lezen aan de hand van teksten uit de actualiteit. Veel scholen gebruiken Nieuwsbegrip om kinderen te leren hoe ze teksten moeten lezen en leren begrijpen. Want begrijpend lezen is heel belangrijk, op school maar ook daarbuiten.

Het doel van de lessen Nieuwsbegrip is het strategisch leren lezen van teksten. Het nieuws is een middel om de kinderen te interesseren om de tekst de lezen. De leerkracht speelt daarbij een belangrijke rol. De juf doet in de Nieuwsbegriplessen namelijk hardopdenkend voor hoe het lezen van een tekst in je hoofd werkt.

Strategieën zijn hulpmiddelen die worden aangeleerd om de tekst beter te begrijpen:

Strategieën die aangeboden worden:

voorspellen

Je kijkt naar de titel, de kopjes en de plaatjes bij de tekst. Dan bedenk je: waar zal de tekst over gaan?

vragen stellen

Tijdens het lezen stel je vragen over wat je leest. Je stelt ook na het lezen van de tekst vragen.

moeilijke woorden

Je let op moeilijke woorden. Je bedenkt wat ze betekenen.

verwijswoorden

Voorbeelden van verwijswoorden zijn hij, zij, ze, het, haar, hem, hun, die er, daar.

Je zoekt in de tekst wie of wat ermee wordt bedoeld.

samenvatten

Je vertelt in het kort waar de tekst over gaat. Je kijkt wat het belangrijkste is.

Het tekstniveau is niveau A.                                                                                                     
Twee keer in de week krijgen de leerlingen een les begrijpend lezen.

Nieuwsbegrip voor thuis:                                                                                                           
De leerlingen kunnen thuis ook aan de slag met nieuwsbegrip.                                                                     

Zij hebben daarvoor een inlognaam en wachtwoord ontvangen.Ga naar de website van Nieuwsbegrip.nl en log (rechtsboven) in met de inlognaam en het wachtwoord.

Rekenen:
Van groep 4 naar groep 5
Na een korte herhaling van de stof van groep 4 wordt de telrij uitgebreid naar 1000.

Getalrelaties en getalbegrip
Ook in groep 5 spelen getalrelaties en getalbegrip een belangrijke rol. De telrij wordt uitgebreid. Daarbij gaat het om het heen en terug tellen tot 1000 en tellen met sprongen van 2, 5, 10, 20, 50 en 100.

Optellen en aftrekken
Het optellen en aftrekken tot 100 (groep 4) via de rijgmethode wordt voortgezet. Bij de rijgmethode laat je het eerste getal heel, het tweede getal rijg je er in stukken aan vast. Bij 57 + 25 reken je eerst 57 + 20 uit. Dat is 77. Dan verdeel je 5 in 3 + 2. 77 + 3 = 80, 80 + 2 = 82.

Een belangrijk moment is het optellen en aftrekken met een sprong over het tiental. Voor kinderen is dit een cruciaal leermoment. Met opgaven als 156 + 99 en 600 – 99 wordt handig gerekend. Behalve de rijgmethode komt ook de splitsmethode aan de orde. Bij de splitsmethode splits je de getallen in tienen en enen. Bij 57 + 26 reken je eerst 50 + 20 uit en daarna 7 + 6. Beide antwoorden voeg je samen: 70 + 13 = 83.

 

Vermenigvuldigen en delen

De tafels worden geoefend met het tafelbord. Aan het einde van groep 5 worden de tafels uitgebreid naar sommen van het type 20 × 3 en 9 × 14. Bij het verdelen gaat het om het (ver)delen van hoeveelheden zonder rest (16 : 4) en met rest (18 : 4). Sommen van het type 39 : 3 worden aan het einde van groep 5 geïntroduceerd.

 

Automatiseren en memoriseren
Bij optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen speelt automatisering een belangrijke rol. Automatiseren betekent dat kinderen de sommen nog niet uit hun hoofd hoeven te kennen, maar nog een tussenstap mogen maken. Bijvoorbeeld: 6 × 5 mag via 5 × 5 worden uitgerekend.

Memoriseren betekent dat de kinderen het antwoord op sommen direct weten (uit het hoofd). In de beheersingstoetsen wordt getoetst in welke mate de kinderen optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen beheersen.

Overige leerlijnen
Bij meten gaan de kinderen aan de slag met inhoud (het vullen van maatbekers), omtrek (vijvers), oppervlakte (‘Hoeveel tegels zijn er nodig om de vloer te bedekken?’) en gewicht.  Bij meetkunde gaat het om ‘doen’. Maar ook verklaren speelt een belangrijke rol. Zo moeten kinderen bij dit bouwwerk bijvoorbeeld aangeven hoeveel blokjes ze aan de voorkant zien, en hoeveel ze zien als ze tegen de rechterkant aankijken. Dat aantal is verschillend, in de klas wordt aandacht besteed aan het beredeneren daarvan.

Bij het rekenen met geld komt de kommanotatie om de hoek kijken (€ 1,69). Het klokkijken wordt uitgebreid met digitale tijden tot 12 uur. Naast verhoudingen en verhoudingstabellen maken de kinderen voor het eerst kennis met de beeld- en de staafgrafiek.

 

Taal
In groep 4 t/m 8 verzorgen wij iedere dag een taalles uit de methode Taal Actief. Taal Actief bestaat uit de volgende lesstof:

Taal verkennen:
Verkennen van tekens                                                                                                         Leerdoelen: alfabetiseren op de eerste, tweede en derde letter, uitroepteken, komma, hoofdletter bij persoonsnamen en aardrijkskundige namen.

Verkennen van woorden                                                                                                     
Leerdoelen: werkwoord, zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord, verkleinwoord met -etje/-kje, (On)regelmatige trappen van vergelijking, basisvorm van woorden, voorzetsels, persoonlijke voornaamwoorden, stoffelijk bijvoeglijk naamwoord, bijwoord, mannelijke en vrouwelijke persoonsnamen, lidwoord.

Verkennen van werkwoorden                                                                                      Deze leerlijn bereidt de kinderen voor op de leerlijn werkwoordspelling die vanaf groep 6 begint. Kennis van grammaticale begrippen en het inzicht in relaties tussen zinsdelen zijn voorwaarden voor het correct schrijven van de uitgangen bij werkwoordspelling.

Verkennen van zinnen                                                                                                             
Leerdoelen: Zinnen uitbreiden met wat-wanneer-waar-deel, zinnen samenvoegen met voegwoorden, gebiedende wijs, onderwerp.

Verkennen van taalgebruik                                                                                                 
Leerdoelen: standaard- en streektaal, letterlijk en figuurlijk taalgebruik, open en gesloten vragen.

Woordenschat:

Woorden en woordclusters                                                                                                      
De kinderen krijgen in het basismateriaal per jaargroep ruim 400 woorden aangeboden volgens de aanpak Met woorden in de weer. Alle themawoorden komen minimaal zes keer aan bod.

Onthoudstrategieën                                                                                                              De kinderen krijgen per jaargroep acht lessen aangeboden die specifiek zijn gericht op het leren onthouden van woorden en woordbetekenissen. Hierbij worden de woordstructuren ingezet.

Spreken en luisteren                                                                                                          De kinderen krijgen per jaargroep zestien lessen aangeboden die op zes praatsoorten zijn gericht: verhalend, informatief, instructief, betogend, expressief/poëtisch, contactueel.                
 Elke les heeft een praat- en luisterhulp.

 Schrijven                                                                                                                                      De kinderen krijgen per jaargroep zestien lessen aangeboden die op zes tekstsoorten zijn gericht: verhalend, informatief, instructief, betogend, expressief/poëtisch, contactueel. Elke les heeft een praat- en luisterhulp.

 Samenwerkend leren                                                                                                      De kinderen krijgen op diverse momenten werkvormen aangeboden waarbij ze gestructureerd samenwerken in twee- of viertallen. Per thema wordt een les aangeboden waarin een samenwerkingsdoel centraal staat. 

Taal- en letterkunde                                                                                                             Taalbegaafde kinderen krijgen extra lesstof aangeboden die op taal- en letterkundige onderwerpen is gericht. Elk thema begint met het verwerven van kennis en inzicht, dat de kinderen toepassen in een eindproduct. De leerdoelen stijgen uit boven de kerndoelen en referentieniveaus.

Bekijk het leerlijnenoverzicht voor een gedetailleerd overzicht van de leerstof taal.

https://www.malmberg.nl/basisonderwijs/methodes/taal/taal-actief/leerlijnen-taal-actief.htm

Spelling:
In groep 4 t/m 8 verzorgen wij iedere dag een spellingles uit de methode Taal Actief.                              

 In groep 5 worden de volgende soorten spellingswoorden geleerd:

Luisterwoorden                                                                                                               Spellingcategorieën: Woorden met ng/nk, eer/oor/eur, aai/ooi/oei, eeuw/ieuw/uw.

Weetwoorden                                                                                                           Spellingcategorieën: Woorden met cht/ch, ei/ij, be-/ge-/ver-/te-, -ig/-lijk, au/ou, cht/ch.

Regelwoorden                                                                                                           Spellingcategorieën: Woorden met eind -d, open en gesloten lettergreep, -je/-tje/-etje, vergrotende en overtreffende trap, -elen/-eren/enen, samenstellingen zonder tussenletter, woorden waarbij f verandert in v, woorden waarbij s verandert in z.

Tevens werken wij met bloon.nl Dit is een anoniem maar gepersonaliseerd oefenprogramma om de spellingwoorden in te prenten. Elke week zet de groepsleerkracht nieuwe woorden online. Na drie weken volgt er een rustweek, dit is de week van het woord- en zinnendictee.

Bekijk het leerlijnenoverzicht voor een gedetailleerd overzicht van de leerstof spelling.

https://www.malmberg.nl/basisonderwijs/methodes/taal/taal-actief/leerlijnen-taal-actief.htm

Benieuwd naar Taal Actief? Bekijk de introductiefilm.

Schrijven

Met het schrijfonderwijs willen we dat onze leerlingen een leesbaar handschrift voor zichzelf en anderen ontwikkelen en verder vlot en verzorgd leren schrijven (met het juiste gebruik van hoofdletters en kleine letters, en interpuncties). 2 x in de week wordt er een schrijfles gegeven in groep 5. De methode die we gebruiken heet “Pennestreken”.

Wereldoriëntatie

Bij de wereldoriënterende vakken (natuur, verkeer, geschiedenis en aardrijkskunde) leren kinderen over de wereld waarin ze leven. Ze ontdekken de wereld om hen heen, hoe die eruit ziet, hoe die is ontstaan, wat er in het verleden gebeurd is, hoe je je daarin kunt bewegen, welke spelregels er gelden in onze samenleving, en hoe we daar als mens in dienen te staan.

Bij geschiedenis leren de leerlingen vooral zich te oriënteren op het verleden in relatie tot het heden. Bij aardrijkskunde gaat het vooral om het ontwikkelen van ruimtelijk bewustzijn. Bij natuur maken de leerlingen kennis met de levende en niet-levende natuur. Bij verkeer (Gezond en redzaam gedrag) leren de kinderen zich te handhaven in de maatschappij en in het verkeer.

Methoden:

 Geschiedenis: Wijzer door de tijd

 Aardrijkskunde: Wijzer door de wereld

 Natuur: Wijzer door natuur en techniek

 Verkeer: Wijzer door het verkeer.

Elke week hebben de leerlingen een les geschiedenis, aardrijkskunde, natuur en techniek en verkeer.

Na 4 weken volgt een toets van de geleerde lesstof.                                         De leerlingen krijgen een samenvatting mee naar huis om de lesstof nog eens goed door te nemen.

Engels (groep 5 t/m 8)

Met het onderwijs in de Engelse taal wordt een basis gelegd in het communiceren in het

De leerlingen leren informatie te verwerven uit eenvoudig gesproken en geschreven Engelse teksten. Zij leren in het Engels informatie te vragen of geven over eenvoudige onderwerpen en zij ontwikkelen een attitude waarbij ze zich durven uit te drukken in die taal. Verder leren zij de schrijfwijze van enkele eenvoudige woorden over alledaagse onderwerpen en om woordbetekenissen en schrijfwijzen van Engelse woorden op te zoeken met behulp van het woordenboek. De lesmethode die we gebruiken heet: “Take it easy”.

 

Sociaal-emotionele ontwikkeling:

Kinderen leren op school niet alleen cognitieve vaardigheden, maar ook sociale en emotionele vaardigheden. Dit hebben zij nodig om met zichzelf en anderen op een adequate manier om te gaan. Op school wordt hier methodisch aandacht aan besteed. Wij gebruiken hiervoor het concept de Vreedzame school.

 

Godsdienstonderwijs:

Als islamitische school willen wij onze leerlingen de basisprincipes van het geloof bijbrengen (kennis over de islam (Qor’aan en Soennah), geloofsleer, omgangsregels, gewoontes en rituelen). Methode: Godsdienstmethode van het islamitisch onderwijs en de methode: Amana.

Bewegingsonderwijs:

Bewegingsonderwijs is erop gericht dat de leerlingen kennis, inzicht en vaardigheden verwerven die nodig zijn om op een verantwoorde manier deel te nemen aan de bewegingscultuur. Het gaat daarbij om een breed aanbod van bewegings- en spelactiviteiten. Het plezier beleven aan het deelnemen aan verschillende bewegings-situaties staat centraal. Het gaat in de eerste plaats om het bijbrengen van een breed scala aan bewegingsvaardigheden voor ieder kind. De kinderen van de groepen 1 tot en met 3 gymmen in onze inpandige speelzaal en de kinderen van de groepen 4 tot en met 8 in de gymzaal van een andere school in de buurt. Methode: Basislessen bewegingsonderwijs.

2 x keer per week is er gym. Op maandag-en woensdagochtend.

2 x keer per week is er godsdienstonderwijs. Op dinsdagochtend en donderdagmiddag.

Creatief/Expressievakken :

Expressie (muzikale vorming, tekenen, handvaardigheid, dramatische vorming en culturele vorming) is belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Uiteraard proberen wij dit passend binnen onze identiteit te verzorgen.

Handige websites om te oefenen:

www.bloon.nl                                                                                                           www.nieuwsbegrip.nl
www.redactiesommen.nl
www.rekenen-oefenen.nl
http://oud.onlineklas.nl/tafeldiploma/

Contact met de leerkracht:
Heeft u inhoudelijke vragen over deze pagina? Neem contact op met de groepsleerkracht: wschippers@alhambraschool.nl of  hors@alhambraschool.nl

En ook het gebruik van Digiduif is belangrijk. Daarmee worden berichten naar ouders gecommuniceerd. Heeft u uw account nog niet geactiveerd, neem dan contact op met Fatima Boarbi van de administratie.